Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Alinea 15 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AG3813.
Uit HR 2 april 2002, NJ 2002, 421, m.nt. PMe kan opnieuw worden afgeleid dat de Hoge Raad de vraag of de verdachte in die zaak opzet op de openbaarheid had, niet irrelevant achtte. Anders had de Raad immers niet behoeven stil te staan bij de vraag of de verdachte opzettelijk de openbaarheid had gezocht (de verdachte had de tekst van zijn in de gemeenteraad gehouden redevoering aan een journalist overhandigd).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/feaee921846dab25ac87868de40f939d7125d1ea49d99c213b8ef7ed0716c312. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt feaee921846dab25ac87868de40f939d7125d1ea49d99c213b8ef7ed0716c312, en de alinea staat in dat document op bytes 8650 tot 9075.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/feaee921846dab25ac87868de40f939d7125d1ea49d99c213b8ef7ed0716c312 | shasum -a 256