Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AH8968.

3.5. Weliswaar is op 1 januari 1996 tevens artikel 25b Wet IB 1964 in werking getreden, waarvan het eerste lid erin voorzag dat een forfaitair rendement tot de inkomsten uit vermogen werd gerekend ingeval de voordelen uit een onroerende zaak op grond van een 'tijdelijke gerechtigdheid' toekwamen aan een ander dan de belastingplichtige. Maar artikel 25b kon bij A geen toepassing vinden. Lid 2, aanhef en onderdeel a, van deze bepaling luidde namelijk:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced, en de alinea staat in dat document op bytes 20243 tot 20709.