Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AH8968.

3.8. De mogelijkheid dat een 'tijdelijke gerechtigdheid' op een onroerende zaak om niet werd gevestigd, is tijdens de totstandkoming van de Wet van 15 december 1996, Stb. 633, door de wetgever onderkend. De invoering van artikel 25, lid 17, Wet IB 1964 getuigt daarvan. Derhalve is er mijns inziens geen aanleiding om artikel 25b, lid 2, Wet IB 1964 restrictiever en/of artikel 81, lid 2, Wet IB 1964 extensiever uit te leggen dan de bewoordingen meebrengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced, en de alinea staat in dat document op bytes 23080 tot 23552.