Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003
Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AH8968.
4.9. De middelen falen. Voor de beslechting van de onderhavige zaak is van geen belang of belanghebbende door haar (middellijk) aandeelhouder is bevoordeeld in de kostensfeer dan wel in de vermogenssfeer. Beslissend is dat A toekomstige huurtermijnen, die bij hem als inkomsten uit vermogen in de inkomstenbelasting zouden zijn betrokken, zonder tegenprestatie aan belanghebbende heeft gecedeerd. Alsdan brengt een redelijke wetstoepassing, welke recht doet aan de samenhang tussen de vennootschapsbelasting en de inkomstenbelasting, met zich dat de huurtermijnen bij de bepaling van de belastbare winst van belanghebbende als voordelen in aanmerking worden genomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced, en de alinea staat in dat document op bytes 28532 tot 29212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd0e36e8dd71f28a4ca16156dbf08f721822e96d76f0bdd259651438e091bced | shasum -a 256