Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0280.
19) Niettegenstaande de zojuist vòòr de opvatting van het middel aangestipte argumenten, meen ik dat die opvatting moet worden afgewezen. Per saldo strookt die opvatting namelijk niet met de strekking die in de artt. 53 en 54 F tot uitdrukking komt. Zoals ik al aangaf, meen ik dat het die strekking is, die voor de uitleg van deze bepalingen doorslaggevend is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9f1b7dcd425b271a3a12d52d52ee9b1d6aa53d9a4ffa4171d6164899ca597f6d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9f1b7dcd425b271a3a12d52d52ee9b1d6aa53d9a4ffa4171d6164899ca597f6d, en de alinea staat in dat document op bytes 24420 tot 24796.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9f1b7dcd425b271a3a12d52d52ee9b1d6aa53d9a4ffa4171d6164899ca597f6d | shasum -a 256