Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 december 2003

Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 5 december 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0294.

5.4. Het hof acht ook aannemelijk dat [verweerster] door het nalaten van de Staat schade heeft geleden. Daaraan staat niet in de weg dat [verweerster] de productie overeenkomstig het protocol reeds had beëindigd voordat de regelgeving aldus werd aangepast dat productie overeenkomstig het protocol niet langer was toegestaan. Het hof acht voldoende aannemelijk dat toen [verweerster] besloot de productie van eiwit volgens het protocol te beëindigen, bij haar gerede twijfel kon zijn ontstaan over de vraag of de machtiging wel door de Commissie zou worden verleend. De aanvraag van de machtiging dateerde toen immers van enkele jaren terug. De beslissing van [verweerster] om, gezien de onzekere situatie ten aanzien van de verlening van de machtiging, geen omvangrijke investeringen te doen om aan de nieuwe, uit Beschikking 96 voortvloeiende eisen te voldoen, werd kennelijk genomen ter beperking van mogelijke toekomstige schade en verbrak het causaal verband om die reden dan ook niet. Een en ander betekent dat grief III slaagt.'

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ba8d7a8677bf02358ba697df3c5eda51abbb4d91511ea8db72c60d000bc20f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ba8d7a8677bf02358ba697df3c5eda51abbb4d91511ea8db72c60d000bc20f3, en de alinea staat in dat document op bytes 18556 tot 19606.