Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 100 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0306.

3.12 In deze benadering komt aan een eventuele schending door [verweerder 1] van zijn mededelingsplicht geen zelfstandige betekenis toe. Het komt mij voor dat het hof dit tot uitdrukking heeft willen brengen in het in 3.2 onder (c) weergegeven gedeelte van rov. 4.3. In feite betreft hetgeen het hof hier overweegt een herhaling, maar dan toegespitst op de door VBI aangevoerde dwalingsgrond van art. 6:228 lid 1 onder b. Daarmee gaat het n.m.m. om een overweging die niet dragend is voor 's-Hofs beslissing op het beroep op dwaling.(18)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d, en de alinea staat in dat document op bytes 36663 tot 37213.