Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0306.

3.4 Ingevolge het bepaalde in art. 6:228 lid 1 BW is voor een geslaagd beroep op dwaling allereerst vereist dat de overeenkomst is aangegaan op grond van een onjuiste voorstelling van zaken. Voorts is vereist dat de dwalende deze overeenkomst bij een juiste voorstelling van zaken niet of niet onder dezelfde voorwaarden zou zijn aangegaan. Bovendien is vereist, voor zover hier van belang, dat de onjuiste voorstelling van zaken is te wijten aan een inlichting van de wederpartij (lid 1 sub a) of aan het zwijgen van de wederpartij op een punt waarop zij de dwalende had behoren in te lichten (lid 1 sub b).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d, en de alinea staat in dat document op bytes 27514 tot 28136.