Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0306.

3.7 In het partijdebat is met name de uitzondering op grond van de verkeersopvatting aan de orde geweest. In deze uitzondering is de eigen onderzoeksplicht van degene die zich op dwaling beroept terug te vinden: wie overweegt met een ander een overeenkomst aan te gaan, is tegenover zijn wederpartij gehouden om binnen redelijke grenzen maatregelen te nemen om te voorkomen dat hij onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken zijn toestemming geeft.(9) Ook ten aanzien van de onderzoeksplicht geldt dat op de vraag of en zo ja in welke mate deze plicht bestaat, geen algemeen antwoord mogelijk is. Haar draagwijdte wordt steeds in concreto bepaald door de aard van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval. Daarbij speelt met name ook het gedrag van de wederpartij een rol.(10)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc3e3ddafd2e8926328a543eaf9b9ae9bf3e014f96b23d7f0ad3dbfaa90ad73d, en de alinea staat in dat document op bytes 30717 tot 31528.