Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003
Alinea 129 Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0346.
4.10. De in het subonderdeel vooropgestelde rechtsklacht mist feitelijke grondslag. Het hof heeft niet geoordeeld dat met het begrip uitvinding in art. 73 ROW is bedoeld de 'uitvindingsgedachte' of 'het wezen van de uitvinding'. Het hof heeft zijn oordeel dat de koffiebuil geen wezenlijk bestanddeel van de uitvinding vormt, immers gebaseerd op een uitleg van het octrooi, waarbij het de maatstaf van art. 69 EOV en het daarbij behorend protocol heeft gehanteerd (rov. 5). Volgens deze maatstaf is (inderdaad) niet het 'wezen van de uitvinding' doorslaggevend, maar moet de beschermingsomvang van het octrooi worden bepaald door de inhoud van de conclusies van het octrooischrift, waarbij de beschrijving en de tekeningen tot uitleg van die conclusies dienen en wel (op grond van het protocol bij genoemd artikel) zodanig dat zowel een billijke bescherming aan de octrooihouder als een redelijke rechtszekerheid voor derden wordt geboden.(34) Als hiervoor besproken (zie nr. 4.4), blijkt uit 's hofs overwegingen omtrent de uitleg van het octrooi niet dat het hof deze maatstaf heeft miskend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eea8acdaadaa4f179e25e88e7d7e3b8882e11cc86b3158bb3fae9077d00c89de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eea8acdaadaa4f179e25e88e7d7e3b8882e11cc86b3158bb3fae9077d00c89de, en de alinea staat in dat document op bytes 55472 tot 56579.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eea8acdaadaa4f179e25e88e7d7e3b8882e11cc86b3158bb3fae9077d00c89de | shasum -a 256