Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2003
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0347.
1.12 Aan deze vordering heeft [verweerster] ten grondslag gelegd dat het conservatoir beslag van de Ontvanger nietig is, omdat het niet binnen de bij het verlof gestelde termijn is gevolgd door het instellen van een "eis in de hoofdzaak" als bedoeld in art. 700 lid 3 Rv. oud nu het opleggen van een belastingaanslag hiermee niet kan worden gelijk gesteld. De (naheffings)aanslag is volgens [verweerster] niets anders dan de vordering ter verzekering van het verhaal waarvan het conservatoir beslag wordt gelegd. Het enkel opleggen van de aanslag brengt nog niet de noodzakelijke en dadelijke rechterlijke toetsing van de vordering mee, die het instellen van de eis in de hoofdzaak vergt. De Ontvanger is - aldus nog steeds [verweerster] - gehouden tot uitbetaling van de teruggaven van omzetbelasting over maart en april 1998 en, op grond van onrechtmatige beslaglegging, tot vergoeding van de wettelijke rente over het in beslag gehouden bedrag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7c4e45fbbd078cba89c1f01aa1d3f66409c50fe190daa9cc71ee8c6738a5f566. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7c4e45fbbd078cba89c1f01aa1d3f66409c50fe190daa9cc71ee8c6738a5f566, en de alinea staat in dat document op bytes 9695 tot 10655.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7c4e45fbbd078cba89c1f01aa1d3f66409c50fe190daa9cc71ee8c6738a5f566 | shasum -a 256