Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0360.
1.5 Bij contra-akte van 18 september 2001 heeft [verweerder] onder veel meer een verklaring van een beëdigd vertaalster in geding gebracht. Daarin is lezen dat deze vertaalster een afschrift van een aantal pagina's uit het "dagboek" van een Venezolaanse Rechtbank onder ogen heeft gehad. Op één daarvan komt een door de betrokken rechter getekende mededeling voor dat "de inhoud en ondertekening van een document door middel waarvan [betrokkene 1] zijn natuurlijke zoon [verweerder] erkent" wordt erkend (prod. 7). Blijkens een verklaring van de waarnemend griffier van de betrokken rechtbank gaat het om getrouwe kopieën van het origineel (prod. 8 en 9). In zijn tweede tussenvonnis maakt het Hof - voor zover thans nog van belang - melding van dit "doorlopend register" (rov. 2.3 sub b).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a, en de alinea staat in dat document op bytes 7582 tot 8388.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a | shasum -a 256