Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0360.
4.1.1 Het cassatiemiddel bestrijdt het oordeel van het Hof in rov. 2.2 van het tussenvonnis van 19 februari 2002 en rov. 4.3 van het eindvonnis. Het middel betoogt dat het Hof heeft miskend dat van strijd van een vordering als die van de erfgenamen "met de voorschriften omtrent inroeping en betwisting van staat geen sprake is, indien (zoals in het onderhavige geval) de (kantmelding in de) geboorteakte van de betreffende persoon (in casu: [verweerder]) feiten vermeldt die niet hadden mogen worden opgenomen en/of waarvan de onjuistheid kan worden aangetoond zonder dat de rechter zich begeeft in een onderzoek naar het fysieke vader- of moederschap (in casu: van [betrokkene 1]), ook al kan toewijzing van zodanige vordering verandering brengen in de staat van de betreffende persoon (zoals uit diens geboorteakte blijkt)."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a, en de alinea staat in dat document op bytes 17846 tot 18686.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a | shasum -a 256