Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0360.
4.15.2 Anders gezegd: het gaat mij te ver om een kantmelding door te halen wanneer deze materieel gesproken juist is. Als zou moeten worden aangenomen dat [verweerder] een kind is van [betrokkene 1] - hetgeen in het licht van de gedingstukken bepaald aannemelijk is - dan komt m.i. geen beslissende betekenis toe aan de enkele omstandigheid dat de erkenning mogelijk niet heeft plaatsgevonden. Een andere opvatting is m.i. ook onaantrekkelijk en leidt voor bijvoorbeeld natuurlijke kinderen tot niet gemakkelijk te aanvaarden consequenties.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a, en de alinea staat in dat document op bytes 27952 tot 28506.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/28af554f7989f505b9a2342ec0eccd6fc8e9373e5d6d0bfb14437174be40168a | shasum -a 256