Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0367.

2.12 De vrouw diende derhalve in hoger beroep inhoudelijk in te gaan op het inleidend verzoek van de man en de daarop gegeven beslissing van de rechtbank. Daarvoor heeft zij ook de gelegenheid gehad. Ruim voor de mondelinge behandeling van het hoger beroep op 20 december 2002 heeft haar procureur deze processtukken uit de eerste aanleg, die bij de rechtbank waren opgevraagd, bij brief van 23 augustus 2002 aan het hof doorgestuurd. Aan de hand van die stukken had de vrouw zelfs nog tijdens de zitting materiële beroepsgronden tegen de beschikking van de rechtbank kunnen formuleren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82716f80a37119657a4715cb7791fa3b1b8598a0e32c8e09758bbd00b7432a28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82716f80a37119657a4715cb7791fa3b1b8598a0e32c8e09758bbd00b7432a28, en de alinea staat in dat document op bytes 16256 tot 16857.