Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0368.
De in het onderdeel opgenomen rechtsklacht, inhoudende dat de "civielrechtelijke goede trouw", waarmee de steller van het middel kennelijk het oog heeft op de goede trouw als bedoeld in art. 288 lid 2 sub b Fw, dezelfde is als de "fiscale goede trouw", moet naar mijn mening falen. Zoals blijkt uit het hiervóór in 2.1 opgenomen citaat uit HR 12 mei 2000, NJ 2000, 567, m.nt. PvS, is de goede trouw in eerstbedoelde zin een gedragsmaatstaf, in verband waarmee alle omstandigheden met betrekking tot het ontstaan van de schuld en het daarop volgende gedrag van de schuldenaar een rol kunnen spelen. Voor de door het onderdeel bedoelde "fiscale goede trouw" is van belang dat een vergrijpboete slechts kan worden opgelegd, indien sprake is van grove schuld of opzet. Onder opzet wordt mede verstaan voorwaardelijk opzet. Grove schuld is een in laakbaarheid aan opzet grenzende mate van verwijtbaarheid en omvat mede grove onachtzaamheid(12). De aldus aan te leggen toets schijnt mij een andere en zwaardere dan die aan het ontbreken van goede trouw als bedoeld in art. 288 lid 2 sub b Fw.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/613b50bdb92753f43be775f67034cec159664ed221e3383a2a85d96554f53e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 613b50bdb92753f43be775f67034cec159664ed221e3383a2a85d96554f53e10, en de alinea staat in dat document op bytes 21318 tot 22420.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/613b50bdb92753f43be775f67034cec159664ed221e3383a2a85d96554f53e10 | shasum -a 256