Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 augustus 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0806.
2.8. Op grond van art. 8: 16, derde lid, Awb moeten alle feiten of omstandigheden tegelijk worden voorgedragen. In deze procedure zou er aldus van uit moeten worden gegaan dat de brief van verzoeker van 17 mei 2003 alle argumenten voor het wrakingsverzoek bevat. Belanghebbende is echter eerst bij - de hiervóór in § 1.2. geciteerde - brief van 19 juni 2003 door de Hoge Raad op de hoogte gesteld uit welke raadsheren de zetel in de onderhavige WOZ-zaak bestaat. Onder deze omstandigheden zou ik willen bepleiten dat belanghebbende uiterlijk ter zitting nog met nieuwe argumenten voor de wraking naar voren mocht komen. (3) De brief van belanghebbende noch zijn pleitnota bevat echter concrete op een of meer met name genoemde raadsheren betrekking hebbende feiten of omstandigheden die dier partijdigheid schade zouden kunnen doen lijden. Het verzoek, toegespitst op de wraking van mrs. Pos, Van Amersfoort en Leemreis, kan daarom niet slagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ffd93b5d03f704de248d70ad7b413ea1d195ac43c2f4f73a3d3cf8e343030536. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ffd93b5d03f704de248d70ad7b413ea1d195ac43c2f4f73a3d3cf8e343030536, en de alinea staat in dat document op bytes 12702 tot 13662.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ffd93b5d03f704de248d70ad7b413ea1d195ac43c2f4f73a3d3cf8e343030536 | shasum -a 256