Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI0827.

4.10 Vervolgens stellen [eiser] c.s. dat [verweerder] c.s. naar redelijkheid en billijkheid geen beroep kunnen doen op art. 10 van de overeenkomst, gelet op de vastgestelde enorme gebreken en het feit dat [verweerders] dienaangaande enerzijds stellen dat de gebreken zichtbaar waren, en anderzijds dat zij die niet kenden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef8ef96538dac6c337e8ecccaca33b2d7f9ac9c0badd516afddc125133afb645. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef8ef96538dac6c337e8ecccaca33b2d7f9ac9c0badd516afddc125133afb645, en de alinea staat in dat document op bytes 15343 tot 15678.