Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI1571.

7. In HR 23 april 2002, NJ 2002, 338, m.nt. Sch heeft Uw Raad expliciet overwogen dat de in HR 23 oktober 2001, NJ 2002, 77 (Bouterse) opgestelde regels betreffende de gemachtigde raadsman ook van toepassing zijn indien de betreffende raadsman aan de verdachte is toegevoegd en dat een strikte toepassing van art. 279 Sv niet in strijd is met de eisen die voortvloeien uit art. 6, eerste lid en derde lid aanhef en onder c, EVRM. De kritische conclusie van mijn ambtgenoot Wortel voor HR 4 februari 2003, LJN: AF3086 heeft U niet tot een ander standpunt gebracht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fec6c569edca87aca9c52eb7a28d632d88821b2b4d05b7cd0bbab38f819dd5cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fec6c569edca87aca9c52eb7a28d632d88821b2b4d05b7cd0bbab38f819dd5cd, en de alinea staat in dat document op bytes 9591 tot 10167.