Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AI1571.
9. Het enkele feit dat mr. Den Otter ter zitting heeft verklaard dat hij geen contact heeft gehad met verzoeker, doet daar niet aan af. Vgl. opnieuw HR NJ 2002, 338. Daarbij merk ik nog op dat mr. Den Otter blijkens het proces-verbaal ter terechtzitting slechts heeft verklaard dat hij geen contact heeft gehad met verzoeker en niet, zoals thans in cassatie wordt beweerd, dat hij geen contact kon krijgen met verzoeker. Overigens wijs ik erop dat reeds op 17 juli 2002, derhalve twee dagen na het arrest, door een kantoorgenoot van mr. Den Otter als bepaaldelijk gemachtigde van verzoeker beroep in cassatie is ingesteld. Kennelijk was het ook weer niet zó moeilijk om contact met verzoeker te krijgen. Dat geldt evenzeer voor het indienen van de cassatieschriftuur, waartoe mr Hamer bijzonderlijk gemachtigd is door verzoeker.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fec6c569edca87aca9c52eb7a28d632d88821b2b4d05b7cd0bbab38f819dd5cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fec6c569edca87aca9c52eb7a28d632d88821b2b4d05b7cd0bbab38f819dd5cd, en de alinea staat in dat document op bytes 10526 tot 11368.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fec6c569edca87aca9c52eb7a28d632d88821b2b4d05b7cd0bbab38f819dd5cd | shasum -a 256