Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AK3697.
2.6 In haar schriftelijke toelichting (onder 13) heeft mr. Van der Woude betoogd dat, "(b)ij gebreke van stellingen van (...) (de vrouw) omtrent feiten en omstandigheden ten betoge dat partijen in concreto bij het aangaan van de overeenkomst meenden dat art. 5 een periodieke verrekenbeding inhield, (...) het Hof inderdaad slechts op de woorden van het beding (kon) varen". Dat is echter niet wat het hof heeft beslist. Het hof heeft niet geoordeeld dat hetgeen partijen omtrent hun bedoeling hebben gesteld, onvoldoende aanknopingspunten voor een uitleg van de huwelijkse voorwaarden biedt(20). Het hof heeft geoordeeld dat de bedoeling van partijen (en de notaris) niet aan de orde komt, als de tekst van de huwelijkse voorwaarden geen reden tot twijfel over de uitleg daarvan geeft. Naar mijn mening geeft dit oordeel van een onjuiste rechtsopvatting blijk, zodat het onderdeel slaagt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1cd5ea7bb68a3c14462b4c3f21f19f144ccccc8f80901b914734aec09edf1d65. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1cd5ea7bb68a3c14462b4c3f21f19f144ccccc8f80901b914734aec09edf1d65, en de alinea staat in dat document op bytes 17084 tot 17986.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1cd5ea7bb68a3c14462b4c3f21f19f144ccccc8f80901b914734aec09edf1d65 | shasum -a 256