Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 december 2003
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 9 december 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 december 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AL6828.
22. Tegenover de naar mijn mening niet steekhoudende bezwaren die in het middel worden genoemd, staat dat het standpunt van de Rechtbank en het middel tot een beperking van de mogelijkheden tot tenuitvoerlegging zouden leiden die onverenigbaar zijn met het systeem van de voorwaardelijke veroordeling. De algemene voorwaarde roept voor de veroordeelde geen nieuwe verplichtingen in het leven, maar stelt een extra sanctie op overtreding van strafrechtelijk relevante normen (F.W. Bleichrodt, Onder voorwaarde, Deventer 1996, p. 65). De voorwaardelijke veroordeling dient onder meer als waarschuwing en als middel om het gedrag van de veroordeelde te sturen. Die waarschuwing zou aan betekenis inboeten indien de officier van justitie niet de bevoegdheid zou hebben om naar aanleiding van een nieuw strafbaar feit een vordering tot tenuitvoerlegging in te dienen omdat op een eerdere vordering daartoe nog niet onherroepelijk is beslist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1af751fe0943feb7c25602541b6a9f5a2721ff9999de90a034b140c7c6ba597c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1af751fe0943feb7c25602541b6a9f5a2721ff9999de90a034b140c7c6ba597c, en de alinea staat in dat document op bytes 20543 tot 21493.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1af751fe0943feb7c25602541b6a9f5a2721ff9999de90a034b140c7c6ba597c | shasum -a 256