Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003
Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AL8168.
3.32.2 Laten we een ogenblik veronderstellenderwijs aannemen dat de invalshoek van het middel juist is. [Verweerder] c.s. hebben met klem betwist dat sprake is van een gemaakte fout. [Eiser] c.s. zijn niet veel verder gekomen dan het betrekken van de stelling dát een fout is gemaakt onder verwijzing naar een gesprek met [betrokkene 2]. [Eiser] c.s. hebben niet aangevoerd dat [betrokkene 2] heeft gezegd dat een fout is gemaakt, nog daargelaten of dat in een procedure waarin hij geen partij is veel gewicht in de schaal zou leggen. In de eigen visie van [eiser] c.s. is bij deze stand van zaken niet terstond duidelijk waarom de verjaringstermijn in 1994 zou zijn gaan lopen, zoals zij zelf lijken te menen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8c3bf18ebb1e20d75dac318d445bd2890862337609268459ccb4255edd4ddc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8c3bf18ebb1e20d75dac318d445bd2890862337609268459ccb4255edd4ddc6, en de alinea staat in dat document op bytes 41098 tot 41823.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c8c3bf18ebb1e20d75dac318d445bd2890862337609268459ccb4255edd4ddc6 | shasum -a 256