Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AL8205.

3.12 De Rechtbank heeft daarmee op basis van de bestaande jurisprudentie het juiste criterium aangelegd. Uit die jurisprudentie blijkt expliciet dat het rekening moeten houden met wensen van Rijk of provincie op zichzelf niet leidt tot vereenzelviging van het betsemmingsplan met het werk waarvoor onteigend wordt. De Rechtbank heeft voorts de confrontatie van de niet-bestreden feiten en dat criterium correct en voldoende gemotiveerd uitgevoerd. Strijpse Kampen bestrijdt dat in wezen ook niet, maar wenst die bestaande jurisprudentie en dus de geldende criteria te wijzigen door meer uitzonderingen toe te laten op de hoofdregel van inaanmerkingneming van de planbestemming. Ik zie daartoe echter geen dringende aanleiding, mede gezien de mijns inziens niet geheel onterechte kritiek op die uitzondering en de schimmigheid van de ratio voor de uitzondering. Ook Strijpse Kampen fourneert geen rechtskundige, maatschappelijke of andere aanleiding tot uitbreiding van de uitzondering. Zij stelt wezenlijk niet meer dan dat haar situatie vergelijkbaar zou zijn met die van de belanghebbenden in de zaken Staat/Matser en Staat/Markus, maar dat is op basis van de vastgestelde en niet-bestreden feiten domweg niet het geval; hoe dan ook is het oordeel van de Rechtbank over die vergelijkbaarheid feitelijk en niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d9ae4a14f3b3dda703fd1447749b864ffb6bab75b58d66c8898314987cb8c10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d9ae4a14f3b3dda703fd1447749b864ffb6bab75b58d66c8898314987cb8c10, en de alinea staat in dat document op bytes 31195 tot 32535.