Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 november 2003

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 21 november 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AL8481.

Bij exploot van 14 februari 2002 is mr. Keijser q.q. tegen het vonnis van de rechtbank in hoger beroep gekomen bij het gerechtshof te Arnhem. De griffier van dit hof heeft het aan beide partijen in rekening gebrachte vast recht vastgesteld op grond van art. 2 lid 3 sub d Wet tarieven in burgerlijke zaken (Wtbz). Volgens deze bepaling bedraagt het vast recht bij de gerechtshoven als de eis of het verzoekschrift strekt tot betaling van een bepaalde geldsom van meer dan € 11.345 2,6 procent van die geldsom tot een maximum van € 4.536 en tot een maximum van € 870 voor de gedaagde of verweerder in hoger beroep als deze een natuurlijke persoon is.(1)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f91d8da862d85848e68e5720927c5331aa484be2048bdde827d773db8da5f5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f91d8da862d85848e68e5720927c5331aa484be2048bdde827d773db8da5f5a, en de alinea staat in dat document op bytes 5609 tot 6281.