Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 november 2003

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 25 november 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AM0244.

De leden van de V.V.D-fractie vragen in dit verband of het toekennen van een uitzonderingspositie aan rechtspersonen, en het met het oog daarop instellen van een zesde categorie wel verenigbaar is, met de in de memorie van toelichting uitgesproken wens tot de afschaffing van algemene strafver-hogende omstandigheden. Het antwoord daarop luidt bevestigend. Voor strafbare feiten begaan door rechtspersonen bestaat, wanneer deze ernstig zijn, niet de mogelijkheid uit te wijken naar een vrijheidsstraf als de in het concrete geval passende straf. De reikwijdte van de geldboete dient hier dus structureel groter te zijn. Die grotere reikwijdte moet ook in het -hogere -strafmaximum tot uiting komen, daar anders geen passende sanctie op de (ernstiger) strafbare feiten van de (grotere) rechtspersonen voorhanden zou zijn. Deze bij de strekking en in het systeem van het wetsontwerp passende bijzondere regeling voor rechtspersonen is niet te kwalificeren als een algemene, de strafbaarheid verhogende omstandigheid.(11)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c857ec9f070e9d3a0514f0e38d78409cc9a2716354a5b3f9eae46a04432d1024. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c857ec9f070e9d3a0514f0e38d78409cc9a2716354a5b3f9eae46a04432d1024, en de alinea staat in dat document op bytes 29137 tot 30168.