Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 oktober 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AM2625.

1.5 Bij inleidende dagvaarding van 14 februari 2001 heeft [eiser] [verweerder] en mevrouw [betrokkene 3] in kort geding gedagvaard voor de president van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam. [eiser] heeft gevorderd [verweerder] te gebieden te gehengen en gedogen dat het gebruiksrecht van de vliering van het pand aan de [a-straat.1] te [plaats] bij uitsluiting toekomt aan [eiser] en diens medehuurder, zolang de huurovereenkomst voortduurt, met een verbod op eiser ( bedoeld zal zijn: [verweerder], W-vG) om vanuit zijn appartement een toegang tot de vliering te maken. Voorts heeft [eiser] gevorderd - kort gezegd - [betrokkene 3] te verbieden [verweerder] toestemming te verlenen om werkzaamheden aan te vangen die leiden tot storing van zijn huurgenot.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aa2bf8151c3a478740467d2eae65bb7d09fdac040f8d3b7ca36efe66f2c9695f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aa2bf8151c3a478740467d2eae65bb7d09fdac040f8d3b7ca36efe66f2c9695f, en de alinea staat in dat document op bytes 7810 tot 8584.