Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Alinea 124 Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AF7508.
6.5. De stelling van belanghebbende dat de Verordening rioolrechten 1993 leidt tot een onredelijke en willekeurige heffing komt er kort samengevat op neer, dat het naar haar mening ongerechtvaardigd is dat gebruikers van eigendommen met een jaarlijkse lozing van ten hoogste 500 m3 afvalwater, die niet tevens genothebbenden krachtens eigendom, bezit of beperkt recht zijn, niet in de heffing van rioolrecht worden betrokken. Het kan naar het oordeel van het Hof echter niet als onredelijk of willekeurig worden beschouwd dat de gemeente op forfaitaire wijze naar een vast tarief het gebruik van eigendommen, van waaruit jaarlijks een beperkte hoeveelheid afvalwater wordt geloosd, bij één groep van de daarvoor in aanmerking komende gebruikers - de evenbedoelde genothebbenden - met een rioolrecht belast. De onderhavige stelling van belanghebbende moet dus worden verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd, en de alinea staat in dat document op bytes 58319 tot 59210.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd | shasum -a 256