Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Alinea 147 Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AF7508.
De terugval kwam met HR 21 juni 2000, nr. 34 633, FED 2000/451, met mijn aantekening en BNB 2000/273, m.nt. Van Leijenhorst, inzake Utrecht. In dit arrest over het jaar 1995, het eerste onder de nieuwe materiële belastingbepalingen, bleek de Hoge Raad geen boodschap te hebben aan de opzet van de wetgever, de jurisprudentie over het beginsel `de heffing moet zich richten naar het gebruik' (zie daarover mijn noot onder HR 3 februari 1999, nr. 33 038, BNB 1999/152), waarin ook de Tilburgse leer wortelde, haar geldigheid te laten verliezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd, en de alinea staat in dat document op bytes 76197 tot 76753.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd | shasum -a 256