Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AF7508.
3.3. Op grond van het vorengaande lijkt mij dat het primaire middel terecht klaagt over 's Hofs oordeel (in rov. 7.7) dat - kort gezegd - het Delftse rioolafvoerrecht in strijd met het gelijkheidsbeginsel wordt geheven. Het door het College verdedigde stelsel lijkt mij, zoals als uit het vorengaande moge blijken, geenszins in strijd te komen met de regels die voor de heffing van rioolrechten gelden. Ik kan er bovendien geen ongelijke behandeling in ontdekken, reeds omdat ik grote lozers niet gelijk acht aan kleine lozers (zie § 15 van de bijlage). Daaruit volgt dat de uitspraak van het Hof niet in stand kan blijven en dat het subsidiaire middel geen behandeling meer behoeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd, en de alinea staat in dat document op bytes 12362 tot 13059.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f352d4dea9a1847129a7d179ae165b711568857a67f4becfe25903cbea6c19fd | shasum -a 256