Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Alinea 205 Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AF7523.
23. In de eerste drie paragrafen van deze bijlage heb ik een beeld geschetst van het Nederlandse rioleringswezen. Tegen de achtergrond daarvan meen ik dat gemeenten niet gehouden zijn rekening te houden met het gegeven dat rioolrechtplichtigen niet allen in gelijke mate enerzijds regenwater en anderzijds afvalwater afvoeren. Art. 229 Gemeentewet noch art. 229b dwingt tot zo'n verfijning: de tekst van die artikelen is immers zeer algemeen geformuleerd. Die bepalingen verplichten niet ertoe om voor de lasten die zijn toe te rekenen aan elk (wellicht) te onderscheiden gebruik van een gemeentebezitting - in dit geval de afvoer van regenwater onderscheidenlijk de afvoer van afvalwater - een afzonderlijke retributie in te voeren.(19)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc82932e82eee7a48e13123b23fb65aacd686b7e7771ab98ed0af391aac56a8d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc82932e82eee7a48e13123b23fb65aacd686b7e7771ab98ed0af391aac56a8d, en de alinea staat in dat document op bytes 106034 tot 106784.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc82932e82eee7a48e13123b23fb65aacd686b7e7771ab98ed0af391aac56a8d | shasum -a 256