Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2004
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AF9656.
Het onderdeel stuit m.i. niet af op art. 407 lid 2 Rv. Weliswaar geeft het niet specifiek aan welke andere dan de als kernpunten vervatte gegevens uit de verslagen relevant moeten worden geacht voor de beantwoording van de vraag of in het onderhavige geval sprake was van een bijzondere omstandigheid in de zin van art. 3:44 lid 4 BW, maar het komt mij voor dat het vanzelf spreekt dat in een procedure waarin het mede aankomt op de vaststelling van de geestelijke gezondheidstoestand van [betrokkene 2], alle daarvoor relevante ten processe overgelegde gegevens door de rechter in de beschouwing moeten worden betrokken (zoals de rechtbank dan ook terecht heeft gedaan). In de schriftelijke toelichting zijdens de verweerders in cassatie wordt dit trouwens niet betwist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4651702b811dffb04e74a6d005ab44bb189fe24175776f40a52c4c1eb2d7dcd0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4651702b811dffb04e74a6d005ab44bb189fe24175776f40a52c4c1eb2d7dcd0, en de alinea staat in dat document op bytes 12943 tot 13728.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4651702b811dffb04e74a6d005ab44bb189fe24175776f40a52c4c1eb2d7dcd0 | shasum -a 256