Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004

Alinea 377 Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AI0724.

14.5. De oplossing van dit probleem is dunkt mij gelegen in een zinvolle, zo men wil: redelijke interpretatie van het bepaalde in de artikelen 11 en 14 in verbinding met art. 1, sub 2 en 3, RE 2000 en 2001. Art. 14 bevat de inhoudelijke toetsingscriteria en art. 11 regelt de tijdigheid van de aanvraag. De in art. 1, sub 2 en 3, gegeven definities moeten klaarblijkelijk worden gelezen in het licht van de art. 11 en 14, terwijl bij de interpretatie van al deze voorschriften het bepaalde in art. 8n Urbm en ook Mededeling 10 in het oog moeten worden gehouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/079bbf77337e9e2c2108f87f480b71261892f19df0f45653885617ddc2a682c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 079bbf77337e9e2c2108f87f480b71261892f19df0f45653885617ddc2a682c1, en de alinea staat in dat document op bytes 83589 tot 84164.