Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004

Alinea 366 Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AI0733.

12.2. Dit gebrek aan (wettelijke) grondslag laat echter onverlet dat de RE, zoals blijkt uit het Convenant energiepremies, in overleg met de Staatssecretaris van Financiën tot stand is gekomen, dat de Staatssecretaris de tekst daarvan aan het Parlement als medewetgever heeft doen toekomen en dat deze regeling door EnergieNed kennelijk aan de energiepremiegerechtigden bekend is gemaakt. Dat zijn, naar mijn gevoel, allemaal omstandigheden die meebrengen dat in die regeling dan wel geen verplichtingen voor die energiepremiegerechtigden kunnen worden geschapen maar dat daarin wel toezeggingen verscholen kunnen zitten waarop die energiepremiegerechtigden zich in een voorkomend geval kunnen beroepen. In dat licht is ook begrijpelijk dat in de onderhavige zaken niet alleen de inspecteur, maar ook het Hof(13) en zelfs de Staatssecretaris er veelal zonder meer van uit lijken te gaan dat de energiepremiegerechtigden zich inderdaad - kort gezegd - konden beroepen op de tekst van een aantal artikelen uit die regeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/705a6c0b5c6a19499f296b537eab4dc58c8d4db4dc76b6e0c56e384e3727c78c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 705a6c0b5c6a19499f296b537eab4dc58c8d4db4dc76b6e0c56e384e3727c78c, en de alinea staat in dat document op bytes 72209 tot 73244.