Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 augustus 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AI0733.
4.3 Uit hetgeen ik in § 14 van de bijlage betoog, volgt dat in dit geval beoordeeld dient te worden welke van de overige voorzieningen in de periode van dertien weken voorafgaande aan belanghebbendes aanvraag betaald, aangebracht of in gebruik genomen zijn. Uit de in 's Hofs uitspraak onder 2.2 vastgestelde feiten en de aan die feiten ten grondslag liggende gedingstukken moet worden afgeleid, vooreerst dat de laatste betaling voor die voorzieningen heeft plaatsgevonden op 5 april 2000 en voorts dat al die voorzieningen toen waren aangebracht en in gebruik genomen. Nu de aanvraag meer dan 13 weken na die laatste betaling en dus te laat werd ingediend, kon voor die voorzieningen geen premie worden toegekend. De beslissing van het energiebedrijf, de beschikking van de Inspecteur en diens uitspraak op bezwaar zijn dus juist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/705a6c0b5c6a19499f296b537eab4dc58c8d4db4dc76b6e0c56e384e3727c78c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 705a6c0b5c6a19499f296b537eab4dc58c8d4db4dc76b6e0c56e384e3727c78c, en de alinea staat in dat document op bytes 15966 tot 16812.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/705a6c0b5c6a19499f296b537eab4dc58c8d4db4dc76b6e0c56e384e3727c78c | shasum -a 256