Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AI0753.
Tot 1 januari 1998 was de bevoegdheid een gemeentelijke belastingaanslag vast te stellen geattribueerd aan het college van B&W; zie art. 231, lid 2, aanhef en onderdeel b (oud), Gem.wet. Art. 232 Gem.wet regelde dat het college van B&W één of meer gemeenteambtenaren kon aanwijzen om voor de belastingheffing in zijn plaats te treden. Het ging hier om een delegatiebevoegdheid. Art. 10:14 Awb behelst evenwel een delegatieverbod aan ondergeschikten, reden waarom bepalingen die een dergelijke delegatie mogelijk maken, moesten vervallen(6). Bij de Aanpassingswet derde tranche Awb I(7) is dat dan ook gebeurd. Art. 231 Gem.wet is in die zin gewijzigd dat de taak van inspecteur thans rechtstreeks is geattribueerd aan een daartoe aan te wijzen ambtenaar(8). Niet geregeld is welk orgaan die ambtenaar aanwijst, maar het ligt voor de hand aan te nemen dat dit het college van B&W is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d413328e865051bd29dd8f53da40fb14a2051dbf5ec1a392efdd8664423f70fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d413328e865051bd29dd8f53da40fb14a2051dbf5ec1a392efdd8664423f70fa, en de alinea staat in dat document op bytes 10575 tot 11484.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d413328e865051bd29dd8f53da40fb14a2051dbf5ec1a392efdd8664423f70fa | shasum -a 256