Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2004

Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 februari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AL7065.

16. Het vonnis van de President van 3 februari 2000 kan niet worden aangemerkt als een eindvonnis. In dit vonnis heeft de President immers niet door een uitdrukkelijk dictum aan het geding omtrent enig deel van het door [eiseressen] gevorderde een einde gemaakt. Vgl. Hugenholtz/Heemskerk, Hoofdlijnen van Nederlands Burgerlijk Procesrecht, 2002, nr. 115. In het dictum van het bedoelde vonnis heeft de President immers slechts "in dit stadium" de gevraagde voorzieningen geweigerd en voorts uitdrukkelijk aangegeven dat [eiseressen] de procedure "in het kader van de thans aanhangige procedure" kan voortzetten bij gebleken wijziging van omstandigheden of wanneer [verweerster] nalaat voor eind oktober 2000 deugdelijk inzicht in haar financiën ultimo 1999 te verstrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bce0c621d08aa0b9a4bf10de76cc5e8005fccecc2cdba8f40dc3885d39ebb971. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bce0c621d08aa0b9a4bf10de76cc5e8005fccecc2cdba8f40dc3885d39ebb971, en de alinea staat in dat document op bytes 16093 tot 16880.