Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2004
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AM2341.
7. Naar het oordeel van het hof moet het vonnis van 18 juli 1997 worden geacht ten uitvoer te zijn gelegd tussen 26 januari 1998, de dag waarop het GUO wekelijks een bedrag van f79,20(6) netto is gaan inhouden op de periodieke uitkering en daarmee ook de inhouding is beëindigd. Voldoende aannemelijk is immers dat het GUO in die periode de door haar gedane inhoudingen al dan niet periodiek aan de (gemachtigde deurwaarder van de) beslaglegger, [verweerster], heeft uitbetaald. Dit betekent, gelet op HR 25 februari 2000, NJ 2000, 509, dat het verzet van [eiser], gedaan op 5 april 2000, derhalve aanzienlijk later dan 14 dagen na 1 november 1998, niet-ontvankelijk is".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4de43aba73c9521acb6ebf012a201d632466c76014816b28e5435f01b169fd7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4de43aba73c9521acb6ebf012a201d632466c76014816b28e5435f01b169fd7, en de alinea staat in dat document op bytes 12030 tot 12715.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c4de43aba73c9521acb6ebf012a201d632466c76014816b28e5435f01b169fd7 | shasum -a 256