Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2004

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN7666.

Het wil mij voorkomen dat dat laatste, gelet op de onzekerheden danwel onduidelijkheden die ook bij de diverse hiervoor bedoelde instanties en overheidsinstellingen op het vlak van de toepasselijke regelgeving hebben bestaan, weinig verbazing behoeft te wekken. Ik kan mij zeer wel voorstellen dat bijvoorbeeld de ambtenaren van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, nadat zij in het standpunt van het ministerie van 7 mei 1996 over "andere vergunninghouder" door Uw Hof bij arrest van 13 oktober 1997 waren teruggefloten, toch enige schroom gehad zullen hebben om zich op het terrein van deze regelgeving te profileren als een instantie waaraan een zodanig gezag valt toe te kennen dat in redelijkheid op de deugdelijkheid van de met betrekking tot de uitleg van die regelgeving gegeven adviezen kan worden afgegaan, zodat zij zich reeds om die reden wel zullen hebben onthouden van het doen van spijkerharde uitspraken als door de officier van justitie bedoeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/325befcfc8f31924f11367eb55a7c64396a535c6f32e0475b48bd1a9a863876a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 325befcfc8f31924f11367eb55a7c64396a535c6f32e0475b48bd1a9a863876a, en de alinea staat in dat document op bytes 14237 tot 15217.