Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN7849.
"Voorts is de Raad van oordeel dat de tekst van artikel 36 van de WW in die zin moet worden verstaan dat deze bijzondere regeling voor terugvordering en verrekening gelet op het inkomenskarakter van de WW-uitkering en het rechtszekerheidsbelang dat voor de uitkeringsgerechtigde ermee gemoeid is, in beginsel van toepassing is op iedere terugvordering dan wel verrekening met betalingen krachtens de WW. De Raad ziet in de specifieke doch kennelijk ruim bemeten draagwijdte en redelijke strekking van deze bijzondere bepaling, alsmede in het systeem van de WW in beginsel geen objectief houvast voor de opvatting van gedaagde dat naast de terugvorderingen en verrekeningen als bedoeld in artikel 36 van de WW ter zake van bijvoorbeeld niet ingehouden premiebedragen ingevolge de Zfw toepassing gegeven zou kunnen worden aan een op het burgerlijk recht gebaseerde compensatiebevoegdheid, dan wel dat aan een uitvoeringsorgaan van de sociale zekerheid een op het burgerlijk recht gebaseerd vorderingsrecht uit onverschuldigde betaling zou toekomen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0, en de alinea staat in dat document op bytes 15515 tot 16576.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0 | shasum -a 256