Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN7849.
3.23 In een terugvorderingsprocedure krachtens artikel 21 BWOO van een onverschuldigd betaalde uitkering moeten drie stappen (en besluiten) worden onderscheiden. Ten eerste moet een intrekkingsbesluit worden genomen waaruit volgt dat er onverschuldigd betaald is. Vervolgens moet worden besloten dat en wat er teruggevorderd wordt (terugvorderingsbesluit). Ten slotte moet worden besloten hoe er wordt teruggevorderd (invorderingsbesluit). In het invorderingsbesluit moet worden vastgesteld of en in welke termijnen de terugvordering zal worden opgesplitst. In het invorderingsbesluit moet rekening worden gehouden met de draagkracht en sociale omstandigheden van de debiteur. Zo moet er bij de invordering onder meer rekening worden gehouden met de 90%-norm van art. 475d Rv.(24)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0, en de alinea staat in dat document op bytes 19498 tot 20291.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3de8f9df152116d586af43731e340e2e2d40ed2c86a10e8b33f95af789cdc4e0 | shasum -a 256