Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN8601.
3.18 De vordering tegen [eiseres] is dus terecht in eerste aanleg bij de Rechtbank aangebracht, zij het op een verkeerde primaire grond. Zij had niet mogen worden beoordeeld op de primaire grondslag van art. 7:658 lid 4 BW. In zoverre is het vonnis onjuist en is eveneens onjuist dat de Rechtbank (meende dat zij) in hoogste feitelijke aanleg recht deed.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a07dca027b5e60926de4f3e6e2bb4ef3cf9a42ba43adf44ece306aa9a7ffc840. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a07dca027b5e60926de4f3e6e2bb4ef3cf9a42ba43adf44ece306aa9a7ffc840, en de alinea staat in dat document op bytes 18915 tot 19282.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a07dca027b5e60926de4f3e6e2bb4ef3cf9a42ba43adf44ece306aa9a7ffc840 | shasum -a 256