Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 141 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN8721.
De hiervoor aangehaalde passages uit de wetsgeschiedenis staan niet alleen op gespannen voet met de idee dat de onderworpenheidsvereiste slechts een fiscaaltheoretische aangelegenheid betreft. De betreffende passages wekken zelfs de indruk dat de in Tabel II, onderdeel a, post 6, Wet OB'68 vervatte onderworpenheidseis inhoudt dat een (niet-)belastingplichtige (rechtspersoon) alleen als zodanig kan verwerven indien de belastingplichtige/ondernemer-leverancier ook beschikt over een juist BTW-identificatienummer van de intracommunautaire verwerver. Oftewel: de aanwezigheid van een correct BTW-identificatienummer is een constitutieve voorwaarde voor de aanspraak op toepassing van het nultarief.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/196acbe015392a6c2f0b54c13ceef5e34310f44f4e6b3b711bf4d74becce95d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 196acbe015392a6c2f0b54c13ceef5e34310f44f4e6b3b711bf4d74becce95d0, en de alinea staat in dat document op bytes 53782 tot 54495.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/196acbe015392a6c2f0b54c13ceef5e34310f44f4e6b3b711bf4d74becce95d0 | shasum -a 256