Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2004

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN9358.

20. Het cassatiemiddel richtte zich in die zaak tegen het ontbreken van de bestanddelen van de artikelen 312 en 317 in de tenlastelegging, maar wat óók ontbrak in die tenlastelegging was een precieze omschrijving van het voorgenomen misdrijf. Uit de vermelde gedragingen kan weliswaar worden opgemaakt dat het ging om filialen van de ING-bank en de ABN/AMRO-bank in Delft en Vlaardingen, om een geldtransportbedrijf gevestigd op een bepaald industrieterrein, en om geldauto('s) in Rotterdam, Delft en Vlaardingen, maar een exacte aanduiding van een voorbereide overval is dat niet. De variatie is tamelijk groot: van een overval op een bank, op een geldtransportbedrijf tot een overval op een geldauto.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4db3ebfd6790842ebcd1c2e4637a50ba63a9a03310a1f43953799d0c2521b143. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4db3ebfd6790842ebcd1c2e4637a50ba63a9a03310a1f43953799d0c2521b143, en de alinea staat in dat document op bytes 16941 tot 17659.