Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2004
Alinea 60 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN9690.
De man heeft naar mijn mening geen ongelijk als hij stelt dat het hof de behoefte van [de dochter] heeft berekend als aanvulling op het voor de opvoeding en verzorging van [betrokkene 1] reeds beschikbare bedrag, zodanig, dat het in totaal voor beide kinderen beschikbare bedrag een aan het inkomen van de man gerelateerde gezamenlijke behoefte van beide kinderen dekt. Deze uitkomst is inderdaad discutabel, omdat de behoefte van [betrokkene 1] niet aan het inkomen van de man (maar aan dat van diens eigen vader) behoort te zijn gerelateerd. De opvatting dat deze benadering ertoe kan leiden dat de man in wezen ook het voor [betrokkene 1] beschikbare bedrag tot een bij zijn inkomen passend bedrag aanvult, acht ik niet geheel zonder grond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/005cda8a80c607b83684308d9a1df6dd8528bfb339cd605bdb60df8ab93a7e79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 005cda8a80c607b83684308d9a1df6dd8528bfb339cd605bdb60df8ab93a7e79, en de alinea staat in dat document op bytes 28337 tot 29093.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/005cda8a80c607b83684308d9a1df6dd8528bfb339cd605bdb60df8ab93a7e79 | shasum -a 256