Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2004

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AN9913.

8. De onderhavige zaak onderscheidt zich van het in het middel genoemde arrest HR 31 oktober 2000, NJ 2001, 11 m.nt. JdH door de omstandigheid dat in laatstgenoemde zaak verdachte zijn handelen als zodanig niet ontkende - er zou in zijn beleving sprake zijn geweest van een ongeluk en niet van een opzettelijke handeling - hetgeen het beroep op noodweer voor wat betreft de feitelijke grondslag daarvan op zichzelf nog niet behoefde uit te sluiten, terwijl in de onderhavige zaak verdachte blijkens de vaststellingen van het Hof nu juist de tenlastegelegde gedragingen geheel en ten stelligste heeft ontkend. Dat laatste staat in de weg aan de aannemelijkheid van haar bewering dat zij de bewezenverklaarde handeling ter verdediging had verricht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbbceebf63693f8a352aff2dedc495dbdbda98351016047ecb428cf23dabaa89. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbbceebf63693f8a352aff2dedc495dbdbda98351016047ecb428cf23dabaa89, en de alinea staat in dat document op bytes 12139 tot 12898.