Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO1991.
3.18 Daarnaast vindt de klacht, dat reeds door het enkele achterwege laten van verhoor van de moeder en haar partner sprake is van schending van art. 8 EVRM, geen steun in dit arrest noch elders in de rechtspraak van het EHRM.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/190872eed647fb3fe92c07d2c10e3533c4f6471f6cce98a948b153263b252fb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 190872eed647fb3fe92c07d2c10e3533c4f6471f6cce98a948b153263b252fb3, en de alinea staat in dat document op bytes 27710 tot 27950.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/190872eed647fb3fe92c07d2c10e3533c4f6471f6cce98a948b153263b252fb3 | shasum -a 256