Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2004

Alinea 7 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO3545.

1. Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem waarbij verzoeker wegens (1) "deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven", (2) "het medeplegen van: opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, eerste lid, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod", (3) "het medeplegen van: opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, eerste lid, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod" en (4) "handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie en het begaat [verbeterd te lezen als: en het feit begaan, JW] met betrekking tot meer dan een vuurwapen van de categorie III; en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie" is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaren en een geldboete van ƒ 250.000,=, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 26 maanden hechtenis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eae375c44b1b0afd79c033dccf4bd67145043fa37e0da43b571a78845b56d297. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eae375c44b1b0afd79c033dccf4bd67145043fa37e0da43b571a78845b56d297, en de alinea staat in dat document op bytes 6023 tot 6944.