Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2004

Alinea 57 Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2004

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO5050.

4.4. Ik meen vooreerst dat de steller van het middel ten onrechte betoogt dat de verwijzing naar de normale wettelijke taak van de rechter niet raakt aan de vraag of vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is. Het subjectieve aspect van het thema van de onpartijdige rechter kan onbesproken blijven. Op zo een soort partijdigheid is niet gewezen. Het gaat dus om het objectieve aspect. Dat aspect raakt aan de aard en plaats van de functies van de rechter en aan de organisatie van de rechtspraak.(3) Het standpunt van verdachte is belangrijk, maar niet doorslaggevend.(4) De Hoge Raad zelve heeft herhaalde malen reeds het volgende overwogen:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/854c19e006bf695b21d8dd2666acafadf885713bd7291ab83310c3f66283595e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 854c19e006bf695b21d8dd2666acafadf885713bd7291ab83310c3f66283595e, en de alinea staat in dat document op bytes 25568 tot 26235.