Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2004
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2004
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO6495.
8. De Rechtbank heeft verzuimd vast te stellen of dit strafvorderlijk belang bij voortduren van het beslag aanwezig is. Dit zal alsnog vastgesteld moeten worden, en dat vergt een onderzoek van feitelijke aard. Bij het voorlopig oordeel omtrent de mogelijkheid van latere onttrekking aan het verkeer (aan de mogelijkheid van verbeurdverklaring ga ik voorbij, daar op het eerste gezicht niet wordt voldaan aan de in art. 33 Sr gestelde voorwaarde) zal namelijk ook belang toegekend mogen worden aan de vraag of verzoekster door het verlies van de auto in onevenredige mate zal worden benadeeld - en dat vergt weer een waardering van de omstandigheden waaronder zij in het bezit van de auto is gekomen - en aan de vraag of teruggave mogelijk is na zodanige maatregelen dat het algemeen belang niet wordt geschaad. Te denken valt aan herkeuring van de auto, indien de Rijksdienst voor het Wegverkeer daaraan mee wenst te werken en verzoekster zonodig bereid is de kosten te dragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75ea89ea81c8c7e66d791e8802e410b7dca435791e8cbc787a0bad8bc7af8d29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75ea89ea81c8c7e66d791e8802e410b7dca435791e8cbc787a0bad8bc7af8d29, en de alinea staat in dat document op bytes 10809 tot 11799.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/75ea89ea81c8c7e66d791e8802e410b7dca435791e8cbc787a0bad8bc7af8d29 | shasum -a 256